· 

Expeditie Pieterpad | etappe 6

Het was eind oktober 2020 en het leek een mooi weekend te worden om te lopen. Ondanks alle coronamaatregelen waren de hotels en B&B's nog steeds toegankelijk en kon ik last minute nog een overnachting in Sleen regelen. De restaurants waren wel allemaal gesloten, waardoor het inpakken van de rugtas iets meer van mijn creativiteit vergde. Ik probeerde de bagage tot een minimum te beperken, maar met een liter water en een thermoskan heet water voor onderweg hakten de kilo's er toch in. In alle vroegte vertrok ik met mondkapje op in de bus naar Schoonloo. Daar begin ik in de dichte mist, zonder maar iemand te bekennen, aan mijn zesde en zevende etappe van het Pieterpad. En ook direct mijn laatste etappes voor 2020, bleek later...


Toen ik de bus in Schoonloo uitstapte was het een beetje spookachtig. Het was koud en er waren maar weinig mensen te bekennen. Ook de bus had ik helemaal voor mijzelf gehad, waardoor het mondkapje me een beetje onzinnig leek. Eenmaal buiten deed ik deze in mijn zak en zette de Garmin (navigatie) aan. Deze leidde me naar de bosrand door de dichte mist. Toen ik in het bos liep was ik nog steeds niemand tegen gekomen en opeens bedacht ik me dat ik mijn 'survialmes' niet bij me had. Dit mes heb ik normaal gesproken altijd bij me om takken of planten af te kunnen snijden, maar ook voor mijn gemoedstoestand, mocht ik in de problemen komen. Mijn gedachten gingen met me aan de loop; ik had al een aantal maanden niet gebokst door een elleboogblesssure, dus van mijn boks-skills moest ik het niet hebben...Wat doe ik dan als er opeens iemand uit de bosjes opduikt? Ik voelde me voor het eerst dat de paniek me wat overviel. Ik hield mezelf voor dat dit was waarom ik het Pieterpad alleen wil lopen: mezelf beter leren kennen! Niet in problemen denken maar in mogelijkheden Truus, zei ik tegen mezelf. Ik ging op zoek naar een alternatief 'wapen' en vond een tak met een 'scherpe' punt. Ik prikte mezelf wat in de buik met deze stok en hield mezelf voor, dat als het echt nodig was, ik met deze stok zo door de buikwand kon prikken. Ik stopte de tak in mijn zak en voelde me weer rustiger worden.

Even later kom ik op een prachtige plek met een vennetje. Ik besluit hier mijn eerste bakje koffie te drinken. Terwijl ik hier zit hoor ik opeens mensen in de verte. Wandelaars. En later nog iemand, wie even verderop ook haar pauze houdt. Er is weer leven in de wereld, bedenk ik me, terwijl ik nog iets naast me hoor. Een schaap. En deze zit al met zijn kop in mijn tas! Op zoek naar eten, wat ik net op tijd weg kan grissen. Ook de rest van de familie staat inmiddels al voor me. Als ze na een tijdje in de smiezen hebben dat ze niets van me krijgen proberen ze het verderop. Ik haal mijn broodje weer uit de tas en schenk nog een bakkie in. Wat kun je je intens gelukkig voelen op dit soort momenten. Als ik even later verder wil lopen, zie ik dat ik op het 'bankje van geluk' zat. Het was voorbestemd ;-)


Onderweg geniet ik van de herfstkleuren. Wat is het toch eigenlijk bijzonder hè, die jaargetijden. Mijn favoriete seizoen is de lente, maar de herfst begint ook steeds meer mijn hart te veroveren. De okergele en roestbruine kleuren vind ik prachtig! Ik loop een stuk over keien en dit blijkt een eeuwenoude weg te zijn uit de middeleeuwen. Bijzonder dat er vroeger maar één weg van noord naar zuid liep door het land. En dat je dan dagen onderweg was met paard en wagen over deze keien...Wat een genot dat we dan nu een auto hebben en vliegtuigen. Toch? Tijdens deze coronacrisis wordt meer dan eens duidelijk hoe we onze planeet vervuilen. En nu het verkeer op de weg en in de lucht flink gereduceerd is, liegen de positieve effecten in de atmosfeer er niet om. Terug naar paard en wagen is geen optie, maar wat wel?

 

In de loop van de ochtend breekt de zon door en blijkt dat mijn jas veel te warm is. Ik sla hem om mijn middel, maar dit blijkt gedoe. Om de paar meter moet ik mijn mouwen weer aantrekken, zodat mijn jas op mijn heupen blijft hangen. Elke tocht doe ik wel weer tips op voor een volgende tocht. Zo ga ik, als ik thuis ben, eerst achter een rugtas aan met heupdragers. En kleding die mee-ademt met het weer...Ik voel mijn rug steeds pijnlijker worden en maak me op voor de laatste kilometers. 


In de verte zie ik de kerktoren van Sleen. Dit dorpje grenst aan het natuurgebied Sleenerzand. Hier vind je een mooi eeuwenoud hunebed met de naam ‘Papeloze kerk’. Het hunebed ligt midden in een bosgebied. Ik loop richting het centrum en vind daar mijn B&B: Enjoy your Stay. Ik heb 24 kilometer gelopen en heb zin om te zitten. In de B&B krijg ik een gezellige rondleiding en vertelt de eigenaresse met veel liefde over de verbouwing en hun pas geopende nieuwe B&B. Het is er prachtig! En van alle gemakken voorzien. Ik moet alleen nog wel een keer in de benen, want er werd geen avondeten geserveerd. Ik besluit naar de Albert Hein even verderop in het dorp te lopen en koop daar een heerlijke stoommaaltijd, die ik bij de B&B in de magnetron kan zetten. En een fles wijn! Als ik terug kom zijn er nog twee Pieterpad wandelaars gearriveerd. In de gemeenschappelijke ruimte kletsen we gezellig over onze avonturen en geniet ik van mijn heerlijke glas wijn bij het eten. Als mijn wangen rood zijn van de buitenlucht (en de wijn) trek ik me terug op mijn kamer en spring onder een warme douche. Hier sta ik voor mijn gevoel wel een uur onder, maar het is hopelijk minder lang geweest. Ik plof in bed met een reep chocolade en nog één glaasje wijn. Hopelijk heb ik daar morgen geen spijt van, want dan vervolg ik mijn tocht naar Coevorden. 


Voor nu oogjes dicht en snaveltjes toe,

Lidia

 

 

《Lees de day after; etappe 7